Home » Argentinië » Samenleving

Samenleving

STAATSINRICHTING
Argentinië kent formeel een federale presidentiële democratie, vastgelegd in de grondwet die dateert uit 1853. Er is een gescheiden uitvoerende, wetgevende en rechterlijke macht, met een president aan het hoofd van de uitvoerende macht. De president, wiens macht volgens de nieuwe grondwet van 1994 iets is ingeperkt, benoemt en ontslaat de minister-president en de ministers. Hij is tevens opperbevelhebber van de strijdkrachten en mag één keer herkozen worden voor een ambtsperiode van nog eens vier jaar. De president kan worden ontslagen door het Congres door middel van een ‘impeachment’ procedure. De benoeming door de president van depremier kan door een meerderheid van stemmen door het Congres worden afgewezen.
De wetgevende macht bestaat uit het Nationaal Congres (Congreso Nacional), gevormd door de Senaat van 72 leden en de Kamer van Afgevaardigden met 257 leden. Senatoren worden, sinds 2001 rechtstreeks door de bevolking, voor zes jaar gekozen, leden van de Kamer van Afgevaardigden voor vier jaar. Door middel van een lotingsprocedure wordt uitgemaakt welke senatoren twee, vier of zes jaar aanblijven. De Senaat wordt geleid door de vice-president.
De president en vice-president worden voor een ambtsperiode van vier jaar via directe verkiezingen gekozen. Om de twee jaar worden er verkiezingen voor een derde van de senaatszetels en de helft van de zetels van de Kamer.
Er bestaat stemplicht voor alle burgers van 18 tot 70 jaar. Op provinciaal niveau kiest elke provincie zijn eigen gouverneur.
Argentinië bestaat uit 23 provincies en het federale district Buenos Aires. De provincies zijn onderverdeeld in kleinere eenheden die departementos worden genoemd. Er zijn 396 departementen in Argentinië. De provincie Buenos Aires is verdeeld in partidos een bestuurlijke laag onder de provincie. Er zijn 134 partidos in de provincie Buenos Aires. De nieuwe grondwet van 1994 verleent de provincies een grotere autonomie.

PROVINCIE HOOFDSTAD OPPERVLAKTE AANTAL INWONERS
1. Districto Federal Buenos Aires 203 2.800.000
2. Buenos Aires La Plata 307.571 14.000.000
3. Catamarca Catamarca 102.602 340.000
4. Chaco Resistencia 99.633 990.000
5. Chabut Rawson 224.686 420.000
6. Córdoba Córdoba 165.321 3.100.000
7. Corrientes Corrientes 88.199 935.000
8. Entre Ríos Paraná 78.781 1.165.000
9. Formosa Formosa 72.066 490.000
10.Jujuy S. Salvador de Jujuy 53.219 615.000
11.La Pampa Santa Rosa 143.440 305.000
12.La Rioja La Rioja 89.680 300.000
13.Mendoza Mendoza 148.827 1.600.000
14.Misiones Posadas 29.801 970.000
15.Neuguén Neuguén 94.078 480.000
16.Río Negro Viedma 203.013 560.000
17.Salta Salta 155.488 1.100.000
18.San Juan San Juan 89.651 625.000
19.San Luis San Luis 76.748 370.000
20.Santa Cruz Río Gallegos 243,943 200.000
21.Santa Fé Santa Fé 133.007 3.100.000
22.Santiago d. Estero Santiago d. Estero 136.351 810.000
23.Tierra del Fuego Ushuaia 21.571 105.000
24.Tucumán S.Miguel de Tucumán 22.524 1.350.000

 

 

ONDERWIJS
Ongeveer 10 miljoen Argentijnen volgen onderwijs. Kinderen zijn leerplichtig en moeten zeven jaar naar de basisschool en drie jaar naar enige vorm van vervolgonderwijs. Daarna kunnen ze naar de middelbare school of universiteit. De alfabetiseringsgraad is met meer dan 95% een van de hoogste van Latijns-Amerika. Toch is de kwaliteit van het publieke lagere, middelbare en universitaire onderwijs de laatste jaren teruggelopen door de vermindeerdde bereikbaarheid en de kwaliteit van de lerarenopleidingen. Hierdoor zijn de privé-scholen sterk in opkomst en volgt ondertussen een kwart van alle Argentijnse leerlingen dit soort onderwijs.
Argentinië telt meer dan 50 universiteiten, waaronder 24 rijksuniversiteiten.
De universiteit van Buenos Aires is een van de oudste onderwijsinstellingen van Argentinië en telt meer dan 170.000 studenten.

TYPISCH ARGENTIJNS

TANGO
De tango-dans ontstond in de havenwijken van Buenos Aires, La Boca en San Telmo. In de negentiende eeuw mengden mensen van Europese en Afrikaanse afkomst zich met de lokale bevolking, en uit de verschillende soorten van muziek en dans die men meebracht ontstond eind negentiende eeuw de tango. De tango werd aanvankelijk alleen gedanst door de arme mensen in de ‘conventillo’s’, huurkazernes waar deze mensen woonden, maar is in de loop der jaren uitgegroeid tot een populaire dansvorm onder alle bevolkingsgroepen. Zeker toen bekende musici de tango in hun repertoire opnamen werd de dans ook in Europa een rage.
Tussen 1920 en 1930 bereikte de tango haar hoogtepunt: er ontstonden vele tangoscholen en er waren ontelbare tango-orkestjes. De belangrijkste Argentijnse tangozanger ooit was Carlos Gardel, die werd geboren als Charles Romualdo Gardés in 1890 in Frankrijk.
De tango wordt meestal in een kleine bezetting gespeeld van gitaar, bas, viool, piano en een of twee bandonéons, een kleine trekharmonica. In Buenos Aires kan men tango studeren aan Fundacíon del Tango.


GAUCHO’S
Het woord gaucho komt van het indiaanse Quechua-woord ‘huacho’, wat ‘wees’ betekent. De gaucho’s, vaak mestiezen, zijn al lange tijd hét symbool van Argentinië. Ze trokken al in de achttiende eeuw over de graslanden van pampa’s en temden daar wilde paarden en dreven koeien bij elkaar. Aan het einde van de achttiende eeuw werden er door de regering grote stukken land verkocht aan rijke mensen. Die verdreven de gaucho’s van hun werkgebied, waardoor de gaucho’s in een sociaal element terecht kwamen. Zo werden ze in feite gedwongen om in dienst te treden van de ‘estancia’s, de gigantisch grote landbouw- en veeteeltbedrijven.
Gaucho’s zijn goed herkenbaar aan een ‘bombacha’, een ruimzittende broek, een riem met zilveren gesp en een ‘poncho’, een soort cape. Verder hebben ze altijd bij zich een ‘facón’, een lang zilveren mes, en de ‘boleadoras’, een lasso met aan de uiteinden drie lange leren riemen waar een leren bal of steen aan vast zit. Met dit werptouw wordt vluchtend vee gevangen. De boleadoras was oorspronkelijk een uitvinding van de Tehuelche-indianen. Het paard waar ze op rijden heet ‘caballo criollo’.