Home » Argentinië » Klimaat

Klimaat

De vele klimaten die men in Argentinië aantreft, wordt in hoofdzaak bepaald door de grote uitgestrektheid in noord-zuidrichting en door de aanwezigheid van het Andesgebergte langs de westkust van Zuid-Amerika. Argentinië kent verschillende klimaatzones, waarvan de gemiddelde temperatuur naar het zuiden toe afneemt. Zo heeft Argentinië een subtropisch noorden terwijl het zuiden vrijwel aan het poolgebied grenst, met de daarbij horende lage temperaturen. Argentinië ligt op het zuidelijk halfrond, waardoor de seizoenen tegengesteld zijn aan die van Nederland. De zomer duurt van december tot en met maart en de winter van juni tot en met september.
Het noordoosten van het land is vochtig (tot 2000 mm neerslag per jaar) en warm. Buenos Aires, dat ongeveer midden in dit gebied ligt, heeft een gemiddelde jaarlijkse temperatuur van 16°C, een julitemperatuur van 9°C en een januaritemperatuur van 23°C. Over het algemeen heerst hier een gematigd klimaat, met ’s winters temperaturen nauwelijks beneden de 0°C; in de zomer kunnen de temperaturen oplopen naar 40°C. De jaarlijkse neerslag, vaak in vorm van stortbuien, bedraagt ongeveer 940 mm en komt onregelmatig over het jaar voor. De luchtvochtigheid kan vooral in de zomer (december tot en met maart) zeer hoog zijn. Opmerkelijk zijn de snelle temperatuurschommelingen, die in 24 uur tijd een verschil van meer dan 20°C kunnen bedragen. Ook komen er in de winter ronduit zwoele periodes voor en in de zomer regelmatig frisse dagen. De droge Pampa Seca heeft vrij warme zomers en milde winters. Toch zijn er grote verschillen: in Rosario is het meer dan 300 dagen vrij warm, zuidelijker in Bahia Blanca niet meer dan ca. 150 dagen. In het hele gebied valt gemiddeld maar 400 mm regen per jaar. De Pampa Húmeda is veel vochtiger met veel vegetatie. Van de Atlantische kust naar het westen komt het land steeds meer onder de invloed van het gebergte, waardoor de neerslag afneemt, aangezien de overwegend noordwestelijke winden van gematigde breedte de meeste neerslag aan de westkust van Chili doen vallen. Het westelijk gedeelte van Argentinië heeft dan ook hier en daar een duidelijk woestijnklimaat. Hier zijn de droogste en warmste plaatsen van het land met regelmatig temperaturen boven de 40°C. Wat zuidelijker, rond de stad Mendoza, zijn de temperaturen wat aangenamer. De steppen en woestijnen van Patagonië liggen in een zone met overwegend westenwinden. In het voor- en najaar kan het in dit gebied hevig stormen. Het gebied ligt in de regenschaduw van de hoge Cordillera de Andes, waardoor er in het oosten van Patagonië vaak maar 200 mm neerslag per jaar valt. De zomers in het noordwesten zijn zeer warm, maar het is er door de lage luchtvochtigheid goed uit te houden. In de zomer wordt het gemakkelijk 35°C, in de winter over ca. 18°C en ’s nachts rond het vriespunt. De zomer is wel het regenseizoen met zeer felle buien die in een mum van tijd starten blank zetten. Vuurland in het uiterste zuiden heeft een onaangenaam klimaat door de stromingen van de oceaan en de uitlopers van het Andesgebergte. In de zomer valt er veel regen en waait het hard. De temperaturen komen niet boven de 15°C. ’s Winters zijn de temperaturen vrij mild. Argentinië kent twee bijzondere windfenomenen die beide worden veroorzaakt door langstrekkende depressies. De warme, vochtige ‘zonda’ voert als noordelijke wind tropische lucht aan, aan de voorzijde van een depressie. De koude ‘pampero’, zo genoemd omdat de uit het zuiden aangevoerde lucht veelal stof meevoert uit de pampa's, wordt gekenmerkt door krachtige rukwinden die optreden tijdens het passeren van het koufront van de depressie.

De vele klimaten die men in Argentinië aantreft, wordt in hoofdzaak bepaald door de grote uitgestrektheid in noord-zuidrichting en door de aanwezigheid van het Andesgebergte langs de westkust van Zuid-Amerika. Argentinië kent verschillende klimaatzones, waarvan de gemiddelde temperatuur naar het zuiden toe afneemt. Zo heeft Argentinië een subtropisch noorden terwijl het zuiden vrijwel aan het poolgebied grenst, met de daarbij horende lage temperaturen. Argentinië ligt op het zuidelijk halfrond, waardoor de seizoenen tegengesteld zijn aan die van Nederland. De zomer duurt van december tot en met maart en de winter van juni tot en met september.
Het noordoosten van het land is vochtig (tot 2000 mm neerslag per jaar) en warm. Buenos Aires, dat ongeveer midden in dit gebied ligt, heeft een gemiddelde jaarlijkse temperatuur van 16°C, een julitemperatuur van 9°C en een januaritemperatuur van 23°C. Over het algemeen heerst hier een gematigd klimaat, met ’s winters temperaturen nauwelijks beneden de 0°C; in de zomer kunnen de temperaturen oplopen naar 40°C. De jaarlijkse neerslag, vaak in vorm van stortbuien, bedraagt ongeveer 940 mm en komt onregelmatig over het jaar voor. De luchtvochtigheid kan vooral in de zomer (december tot en met maart) zeer hoog zijn. Opmerkelijk zijn de snelle temperatuurschommelingen, die in 24 uur tijd een verschil van meer dan 20°C kunnen bedragen. Ook komen er in de winter ronduit zwoele periodes voor en in de zomer regelmatig frisse dagen. De droge Pampa Seca heeft vrij warme zomers en milde winters. Toch zijn er grote verschillen: in Rosario is het meer dan 300 dagen vrij warm, zuidelijker in Bahia Blanca niet meer dan ca. 150 dagen. In het hele gebied valt gemiddeld maar 400 mm regen per jaar. De Pampa Húmeda is veel vochtiger met veel vegetatie. Van de Atlantische kust naar het westen komt het land steeds meer onder de invloed van het gebergte, waardoor de neerslag afneemt, aangezien de overwegend noordwestelijke winden van gematigde breedte de meeste neerslag aan de westkust van Chili doen vallen. Het westelijk gedeelte van Argentinië heeft dan ook hier en daar een duidelijk woestijnklimaat. Hier zijn de droogste en warmste plaatsen van het land met regelmatig temperaturen boven de 40°C. Wat zuidelijker, rond de stad Mendoza, zijn de temperaturen wat aangenamer. De steppen en woestijnen van Patagonië liggen in een zone met overwegend westenwinden. In het voor- en najaar kan het in dit gebied hevig stormen. Het gebied ligt in de regenschaduw van de hoge Cordillera de Andes, waardoor er in het oosten van Patagonië vaak maar 200 mm neerslag per jaar valt. De zomers in het noordwesten zijn zeer warm, maar het is er door de lage luchtvochtigheid goed uit te houden. In de zomer wordt het gemakkelijk 35°C, in de winter over ca. 18°C en ’s nachts rond het vriespunt. De zomer is wel het regenseizoen met zeer felle buien die in een mum van tijd starten blank zetten. Vuurland in het uiterste zuiden heeft een onaangenaam klimaat door de stromingen van de oceaan en de uitlopers van het Andesgebergte. In de zomer valt er veel regen en waait het hard. De temperaturen komen niet boven de 15°C. ’s Winters zijn de temperaturen vrij mild.
Argentinië kent twee bijzondere windfenomenen die beide worden veroorzaakt door langstrekkende depressies. De warme, vochtige ‘zonda’ voert als noordelijke wind tropische lucht aan, aan de voorzijde van een depressie. De koude ‘pampero’, zo genoemd omdat de uit het zuiden aangevoerde lucht veelal stof meevoert uit de pampa's, wordt gekenmerkt door krachtige rukwinden die optreden tijdens het passeren van het koufront van de depressie.

Gemiddelde maandelijkse temperaturen:

januari (zomer) juli (winter)

Ushuaïa 9,0°C 1,6°C

El Calafate 12,8°C 1,2°C

Bariloche 14,5°C 2,3°C

Puerto Madryn 21,0°C 3,0°C

Salta en Jujuy 21,3°C 10,5°C

Mendoza 23,7°C 7,7°C

Buenos Aires 24,1°C 10,7°C

Iguazú 25,3°C 14,6°C